Naar Europese samenwerking in het onderwijs
KIGO-project Who's afraid of Red, Green and Blue
11-10-2011
Gebiedsontwikkeling en de inrichting en het gebruik van de buitenruimte zijn steeds meer een internationale aangelegenheid. Van groene onderwijsinstellingen vraagt dat een aanpak die over de landsgrenzen heen gaat. Het onlangs afgeronde KIGO-project 'Who’s afraid of Red Green and Blue?' baant de weg naar Europese samenwerking in het onderwijs, met gelijkwaardige kwalificaties en professionals die elkaar begrijpen én Europees inzetbaar zijn.
Workshop door studenten
Vakbekwaamheid, kennis, flexibiliteit, strategisch inzicht, van docenten en studenten wordt veel verwacht als ze voor studie of werk in het buitenland komen. Maar welke competenties hebben ze nodig, hoe ga je om met andere culturen, hoe maak je gebruik van partnerships en netwerken? Hogeschool Van Hall Larenstein (VHL) en het Groenhorstcollege in Velp – initiatiefnemers van het project – hebben nauw samengewerkt om meer samenhang en structuur aan te brengen in het internationale leren.
Engelse en Nederlandse handleiding
Met hulp van studenten en docenten met internationale ervaring, maar ook in overleg met vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en onderwijskundigen zijn aanbevelingen en handvatten opgesteld. Deze kunnen als leidraad dienen bij komende projecten en onderwijsactiviteiten.
Het belangrijkste en meest tastbare resultaat is een Engels- en Nederlandstalige handleiding die als checklist te gebruiken is, bijvoorbeeld bij een internationale stage. De competenties zijn ook te gebruiken voor de ontwikkeling van docenten en teams (POP’s en TOP’s), en voor de beoordeling van studenten.
Europees inzetbaar
Projectleider en VHL-docent Jeroen de Vries: “Door de toenemende internationale en regionale samenwerking is er steeds meer behoefte aan afstudeerders die in heel Europa inzetbaar zijn. Studenten moeten al tijdens hun stages kunnen omgaan met een andere manier van werken, maar ook met culturele verschillen, verwachtingen die soms niet uitkomen, meer bureaucratie en hiërarchische verschillen. In Duitsland bijvoorbeeld zijn er bij gebiedsinrichting meer tegenstellingen tussen verschillende partijen, waar we in Nederland gewend zijn om samen een oplossing te zoeken. Door goed voorbereid te zijn, kun je daar beter mee omgaan”.